Verklarende woordenlijst
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Assessor
De assessor ofwel beoordelaar stelt vast in hoeverre een leerling de gestelde doelen heeft bereikt en wat dit voor gevolgen heeft voor het verdere leerproces van de leerling.
Begeleidingsstijlen
Een begeleidingsstijl zegt iets over de manier waarop je een leerling begeleidt. De volgende manieren worden onderscheiden: instrueren, overtuigen, ondersteunen en delegeren. Een werkbegeleider kiest de manier die bij hem past en bij wat de leerling op dat moment nodig heeft.
Beoordelaar
Beoordelaars kunnen zijn praktijkbegeleiders en werkbegeleiders in het leerbedrijf, onafhankelijke beoordelaars van buiten het leerbedrijf of de school en docenten en begeleiders namens de school.
BBL
Beroepsbegeleidende leerweg, de opleiding vindt voor het grootste gedeelte plaats op de werkplek. Voor het praktijkdeel van de opleiding wordt een overeenkomst gesloten tussen het leerbedrijf, de leerling en de school.
BOL
Beroepsopleidende leerweg, de opleiding vindt voor het grootste deel plaats op school. Voor het praktijkgedeelte van de opleiding wordt een overeenkomst gesloten met het leerbedrijf, de leerling en de school.
BPV
Beroepspraktijkvorming. Onderwijs dat plaats vindt in de praktijk van het beroep (dus in een bedrijf of organisatie).
Calibris
Kenniscentrum voor leren in de praktijk. Voor de sectoren Zorg, Welzijn en Sport, voorheen OVDB. Zie ook www.calibris.nl.
Cliëntsimulatie
Een simulatie is een nabootsing van de werkelijkheid, in veel gevallen met behulp van een model van die werkelijkheid. In dit geval is dat iemand die de rol van cliënt vervult.
Coaching
Coaching is een manier om talenten van de leerling aan te boren en te ontwikkelen. Het is vragenderwijs begeleiden om de prestaties en het leervermogen van een leerling te verbeteren.
Competentie
Competenties zijn het samenhangend geheel van kennis, inzicht, houding en vaardigheden die een leerling nodig heeft om een beroep in de beroepspraktijk en in de maatschappij uit te kunnen oefenen.
Competentiegericht onderwijs (CGO)
Vorm van onderwijs gericht op het verwerven van competenties die nodig zijn om een vak te leren.
Criteriumgericht interview
Een gesprek aan de hand van van tevoren vastgelegde criteria. In de praktijk wordt het criteriumgericht interview vaak gebruikt om leerlingen te bevragen op eerder verworven competenties. Dit gebeurt bijvoorbeeld als er na de beoordeling van het portfolio nog onduidelijkheid bestaat over de beheersing van bepaalde competenties.
EVC (Eerder verworven competenties)
EVC, eerder (of elders) verworven competenties, gaat uit van de competenties die mensen zich in de loop van hun leven eigen gemaakt hebben. Het maakt daarbij niet uit waar ze dat hebben gedaan: op school, in (betaald of onbetaald) werk of in hun vrije tijd.
Feedback 360°
Bij 360° feedback vult een leidinggevende, begeleider, cliënt of collega een vragenlijst in over het functioneren van de leerling. Gezamenlijk kunnen zij een compleet beeld van de leerling geven. In een gesprek over de antwoorden waardeert de leerling ook zichzelf.
Kerntaak
Een kerntaak vormt een onderdeel van de beroepsuitoefening en bestaat uit een geheel van met elkaar samenhangende werkprocessen die kenmerkend zijn voor de beroepsuitoefening. Kerntaken, werkprocessen en competenties vormen samen het hart van de beroepsbeschrijving.
Kwalificatiedossier
Een verzameling kwalificaties met een beeld van het beroep, de uitwerking en het verantwoordingsdocument, volgens een vaste standaard beschreven. De kwalificatiedossiers voor de zorg zijn samengesteld door Calibris. Zie ook Invoering competentiegericht onderwijs.
Leerafdeling of leerwerkplaats
Een nieuw soort stage waarbij een groep leerlingen onder deskundige leiding een afdeling of werkeenheid runt. Zie ook Wat is een leerafdeling?
Leerbedrijf
Een (zorg)organisatie waar leerlingen opgeleid worden voor een beroep. Om een leerbedrijf te mogen zijn moet de organisatie erkent zijn door Calibris. Sinds kort kunnen bedrijven en instellingen in Zorg, Welzijn of Sport die mbo-studenten willen begeleiden via het digitale loket MijnCalibris een erkenning aanvragen.
Leerstijl
De voorkeursstijl waarin mensen leren. De volgende leerstijlen worden onderscheiden: de bezinner, de denker, de beslisser, de doener. Zie ook De leerstijl van de leerling.
Natuurlijk leren
Een onderwijsvorm die zoveel mogelijk aansluit bij de manier waarop kinderen en volwassenen van nature leren.
PAP (persoonlijk activiteitenplan)
Het PAP bevat de concrete uitwerking van het POP, waarbij een leerling de acties (opdrachten) vastlegt die hij wil uitvoeren (zie ook POP).
POP (persoonlijk ontwikkelingsplan)
Het POP is een hulpmiddel voor de leerling om zijn opleidingsproces te plannen. In het POP legt de leerling vast waarom, wat, hoe en waar, wanneer en met wie hij leeractiviteiten gaat verrichten. Hoe verder de leerling in de opleiding is, hoe zelfstandiger hij het POP maakt en hoe minder hij een beroep hoeft te doen op zijn begeleiders.
Portfolio
Een portfolio is een persoonlijk dossier waarin de leerling beschrijft wat hij kan en waaruit dat blijkt (bewijzen) en hoe hij zichzelf verder wil ontwikkelen. Voorbeeld van een portfolio van het Hoornbeeck College.
Praktijkopleider
De aangewezen of aangestelde persoon (personen) binnen een leerbedrijf, die als taak heeft de deelnemer
tijdens de beroepspraktijkvorming te begeleiden. Afhankelijk van een aantal factoren zoals schaalgrootte, organisatiestructuur en opleidingsgeschiedenis wordt de aangewezen persoon (personen) in verschillende benamingen (praktijkopleider, werkbegeleider, mentor, stagebegeleider) en op verschillende niveaus in een leerbedrijf aangetroffen.
Proeve van bekwaamheid
Een toets waarbij een leerling in de praktijk (bij een leerbedrijf), of eventueel in een gesimuleerde werksituatie (op school) het bewijs moet leveren dat hij een kerntaak op het vereiste niveau beheerst. Zie ook Beoordelingsinstrumenten.
Projectpresentatie
Een toetsvorm waarin de leerling een presentatie houdt waardoor hij inzichtelijk maakt hoe hij een bepaald resultaat heeft bereikt. In de presentatie wordt duidelijk hoe het werkproces eruit ziet met de daarbij gemaakte stappen en beslissingen. Zie ook Beoordelingsinstrumenten.
Reflectiegesprek
Een reflectiegesprek is een gesprek waarbij de leerling en de beoordelaars reflecteren op het handelen van de leerling in de praktijk. Dit gesprek kan een aanvulling zijn op een observatie van de werkzaamheden van de leerling.
Skillslab
Oefenlokaal voor het aanleren van vaardigheden. Een skillslab bevindt zich meestal op school, maar kan ook in de praktijksituatie zijn.
Snuffelstage
Een stage die tot doel heeft dat de leerling zich oriënteert op het beroep, ook wel beroepsoriënterende stage genoemd. Er worden bij een snuffelstage geen competenties en beroepsvaardigheden aangeleerd.
Stand alone leren
Vorm van leren waarbij een leerling onder bepaalde voorwaarden zelfstandig werkt en begeleiding op afstand krijgt.
VMBO
Voortgezet Middelbaar Beroepsonderwijs. Het VMBO heeft vier leerwegen waarmee een leerling kan doorstromen naar het Middelbaar Beroepsonderwijs (MBO): de basisberoepsgerichte leerweg, kaderberoepsgerichte leerweg, de gemengde leerweg en de theoretische leerweg.
Werkbegeleider
De directe begeleider van de leerling op de werkplek. Meestal is de werkbegeleider een directe collega.
Werkprocessen
Een afgebakend geheel van beroepshandelingen binnen een kerntaak.
Zelfbeoordeling
Een vorm van toetsing binnen het competentiegericht opleiden. Zelfbeoordeling wil zeggen kritische beschouwing van het eigen handelen.
Zelfsturing
De mate waarin de leerling, onafhankelijk van zijn docent of begeleider, beslissingen neemt over hoe hij het beroep leert. De stappen in het proces van zelfsturing worden gezet op basis van de vragen wat, waarom, hoe en wanneer.